'Niets bijzonders', hoorde ik een opkomend internetfiguur hierover op zijn insta-account verkondigen.
'Zijn ze dan zo verstrikt geraakt in de flitsende wereld van het digitale web?', dacht ik op dat moment. Verzwolgen door die digitale waterval waardoor de schoonheid van een zeldzaam natuurfenomeen simpelweg niet meer geregistreerd wordt?

In dit geval: het gestaag en tijdelijk transformeren van de zon van vuurbal tot een ieniemienie, gloeiend sikkeltje. Naar mijn bescheiden (en vast niets toedoende) mening: iets wonderbaarlijks dat me ontzettend klein en nietig deed voelen.

Daarbij rees dan onmiddellijk de vraag: 'wat moet dat dan wel niet geweest zijn voor die mensen die hier honderden jaren geleden rondliepen? Ze hadden vast geen idee wat hen overkwam... Wat moet een volledige verduistering, waarbij de dag opeens in nacht veranderde en elke vogel, elk insect plots hun gezang staakte, schrikken geweest zijn. Het einde van de wereld was — in hun ogen — ongetwijfeld nabij en honderden weesgegroetjes werden daarbij ten hemel gericht. Ze waren vast enorm opgelucht dat hun gebeden verhoord leken toen het stukje voor stukje weer dag werd. Langzaam, maar zeker kreeg het leven een reset.

Toch verdrietig vast te moeten stellen dat we blijkbaar zó gewend zijn geraakt aan spektakel dat de echte wereld soms niet spectaculair genoeg meer voelt… Tot dat besef kwam ik toen ik vanuit mijn hangmat naar de meteorietenregen lag te kijken. Ik had blijkbaar ook nog niet genoeg spektakel gezien.